Maak Ruimte POVL


DATUM
13 mei 2022 09:00u-17:00u
WAT?Lancering voorontwerp beleidsplan ruimte van de Provincie Oost-Vlaanderen
WAAR?ICC Gent

WAAROM?

Ik ben intussen 10 jaar actief in de ruimtelijke sector. Eerst in de Vlaamse Vereniging voor Ruimte & Planning en daarna bij de provincie Oost-Vlaanderen. Ik nam dus ook om professionele reden deel aan deze activiteit. Naast de leerdoelen van de organisatie (wat denkt men van dit voorontwerp?, hoe kunnen we het verbeteren en hoe te implementeren?) zie ik twee persoonlijke leerdoelen student-landmeter.

  1. Wat betekent het voorontwerp beleidsplan voor de landmeetpraktijk?
  2. Is kennis over beleidsplanning van de verschillende plannende overheden een aspect waarmee de landmeter zich kan onderscheiden in de toekomst?

WAAROVER?

Het beleidsplan van de Provincie Oost-Vlaanderen zal het huidige provinciaal structuurplan gaan vervangen. Met dit voorontwerp start de Provincie een consultatieronde bij gemeenten en ruimtelijk experts om het plan verder uit te werken. Op lancering op 13 mei werd de inhoud van het plan aan het publiek voorgesteld. Deelnemers waren vooral gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaren, studiebureaus en Vlaamse ambtenaren. Na een algemene inleiding werd er dieper ingegaan op de drie beleidskaders waaruit het beleidsplan bestaat. Voor elk beleidskader konden de deelnemers kiezen uit een klassieke toelichting of een meer interactieve werksessie.

In de namiddag verzorgde ik met mijn collega de toelichting van het beleidskader “transitie naar een circulaire samenleving” waarin we onder meer de ruimtelijke toekomstvisie op economie hebben belicht. Ikzelf probeerde de abstracte tekst te duiden met enkele voorbeelden uit de praktijk.

REFLECTIE?

In het beleidsplan is anders opgebouwd dan het provinciaal ruimtelijk beleidsplan. Het is minder geschreven vanuit de eigen bevoegdheden van de provincie maar heeft eerder een integrale benadering. De Vlaamse doelstelling om naar nul extra ruimtebeslag te evolueren tegen 2040 (de bouwshift) is ook voor de provincie een belangrijke randvoorwaarde voor het ruimtelijke beleid.

De bouwshift zal een belangrijke impact hebben op de praktijk van de landmeter. Afhankelijk van hoe precies men de bouwshift wil gaan realiseren kan het bijvoorbeeld mogelijk zijn dat de landmeter wordt ingezet in ruimtelijke vereveningsdossiers. Bijkomend ruimtebeslag kan enkel mits compensatie elders. Het opmeten van het ruimtebeslag volgens de vigerende definities kan een belangrijk takenpakket zijn. Een ander potentieel takenpakket is adviseren in planschadedossiers. De landmeter kan een eventueel waardeverlies van gronden door omzetting naar zachte bestemmingen berekenen.

Om de toekomstmogelijkheden van gronden in te schatten zal het gewicht van gewestplanbestemmingen waarschijnlijk minder gaan doorwegen. Meer functies met minder ruimte zal essentieel zijn. Dat betekent niet minder werk, maar juist meer werk voor de landmeter. Ik denk aan complexere eigendomssituaties met meer mede-eigendom (bijvoorbeeld parkeerterreinen in mede-eigendom op bedrijventerreinen) of meer verticaal gaan verkavelen (kadastrale volumes).

Ik denk dat de landmeter-expert die die actief is een landmeetkantoor of zelfstandig zich kan onderscheiden door een degelijk stedenbouwkundig advies te kunnen verlenen. Om dat te kunnen doen zal kennis van de verschillende beleidsplannen belangrijk zijn. Zeker wanneer de landmeter optreedt in onderhandeling voor zijn klant met overheden is het belangrijk om te weten hoe de overheid de ruimtelijke toekomst ziet. Zeker wanneer je merkt dat dit beleidsplan sterk aanstuurt op een ommekeer in het ruimtelijk beleid.